| | | | | | | | | | | | | | | Mensen met chronisch hartfalen weten maar al te goed wat het is om met angstgevoelens door het leven te gaan. Wat als het weer misgaat? Ben ik dan op tijd in het ziekenhuis? En wat kan ikzelf doen om noodsituaties te voorkómen? Thuiszorgsystemen, zoals Philips Motiva, blijken die onzekerheid voor een stuk weg te nemen – omdat zij dagelijkse controles en een gezondere leefstijl bij de patiënten thuis brengen. |
|  Philips, marktleider en vernieuwer in thuis- of telezorgoplossingen, en Achmea Zorg, Nederlands grootste ziektekostenverzekeraar, hebben nu de stichting Zorg Binnen Bereik opgericht dat 11 februari wordt gelanceerd onder leiding van directeur Laurens Touwen. Een brede coalitie van medici en patiënten(verenigingen), industrie (Philips) en zorgverzekeringssector (Achmea) werkt daarin samen aan verdere verbetering van ‘zorg-op-afstand’-oplossingen, om op die manier dergelijke zorgconcepten voor steeds meer mensen toegankelijk te maken. |
| | Hans Bossink, CEO van Philips Healthcare Benelux: “De stichting brengt voor het eerst alle spelers in het zorgveld bij elkaar. Daar zijn we heel blij mee, want zonder een breed draagvlak zal werkelijke zorgvernieuwing nooit van de grond komen.” Hans benadrukt dat niet de technologische mogelijkheden het vertrekpunt van de stichting zijn, maar de beleving van patiënten en zorgverleners. “Het begint met klanteninzichten. Wat maken patiënt, arts en verpleegkundige door in een dergelijk ziekteproces? Pas als je dat goed in kaart hebt, kun je werken aan zorgverbetering waar alle partijen – de patiënten voorop – echt beter van worden. Als oprichters zullen wij actief participeren in de werkgroepen die binnen de stichting aan de gang gaan en we zullen ze faciliteren. Maar het zijn de spelers in het zorgveld die gaan bepalen hoe zorgop- afstand er in Nederland uit komt te zien.” Hans vervolgt: “Dit alles sluit naadloos aan bij de visie van Philips Healthcare op de toekomstige ontwikkelingen in de zorg. Zorg-opafstand- oplossingen zullen daar een wezenlijk onderdeel van uitmaken. De stichting is hier een concrete uitvoering van en kan mogelijk als voorbeeld dienen voor andere landen.” |
| | De drie werkgroepen, voor elk ziektebeeld één - chronisch hartfalen, long- en luchtwegaandoeningen en diabetes - worden breed bemand, zegt Roelof Konterman, Directievoorzitter van Achmea Zorg. “We gaan mensen bij elkaar brengen met enerzijds de kennis om oplossingen te bedenken en anderzijds de kracht om die te vertalen in concrete oplossingen. Vooral de inbreng van patiënten is cruciaal, zij weten het best wat wel of niet werkt en wat beter zou moeten. Wat de stichting ook bedenkt: als verbetering van de zorgkwaliteit niet één van de uitkomsten is, dan zal dit initiatief niet slagen.” Verder hoopt hij op oplossingen die in het hele land toegepast gaan worden. “Her en der zie je initiatieven ontstaan. Op zich zijn de meeste best goed, alleen ze verschillen allemaal. Die versnippering maakt het allemaal erg ineffectief en duur. Lukt het de stichting om een landelijk uniform platform in de markt neer te zetten, dan zou dat een enorme stap vooruit zijn.” |
| | Telezorgsystemen zijn in opkomst en zullen gaandeweg op steeds meer plaatsen hun intrede doen. Volgens Hans Bossink snijdt het mes aan meerdere kanten: telezorg vermindert de druk op zorgverleners en ziektekosten, terwijl het ook de patiëntenzorg kan verbeteren. “In Nederland lijden zo’n 200.000 mensen aan chronisch hartfalen. Ze blijven de rest van hun leven onder controle, moeten verschillende medicijnen slikken en hun bloeddruk, gewicht en eet- en drinkpatroon goed in de gaten houden. Elke dag opnieuw. Dat kan heel lastig zijn en angstig maken. Oplossingen die zorg op afstand mogelijk maken, bijvoorbeeld Philips Motiva, kunnen de onzekerheid verminderen. Men kan elke dag heel eenvoudig thuis de eigen gezondheid controleren, in de wetenschap dat zorgverleners over de schouder meekijken. Zonodig wordt vroegtijdig, snel en effectief bijgestuurd, wat heropname in het ziekenhuis kan voorkomen. Aangetoond is dat dit een goede aanvulling is op de behandeling en controle in het ziekenhuis.” |
|
|
| | | | | | | | | | | | | | | | | | | |
|
|
|